Laatste films

Het nieuwe Shilling roer voor de Y8122.

{videobox}OpzRKDqafww||box=1, lightbox=1{/videobox}


 

 

 

 

Y-links 1998 - 1

 

"De Y",

het blad van de werkgroep Y8122

van de stichting Nautische Monumenten.

 

In het najaar van 1998 komt het eerste blad uit van de werkgroep Y8122 van de Stichting Nautische Monumenten in Den Helder. De vrijwilligers die de Y8122 restaureren zijn dan nog onderdeel van de werkgroep Y8122 van de Stichting Nautische Monumenten zelf.

cover-1e-Y-bladCover van het blad van de werkgroep Y8122

 

Inhoud van "de Y":

 

Informatie Werkgroep Y8122

Jaargang 1, nummer 1, najaar 1998

 

Voorzitter:  R. Witte
Secretaris:  W. v. Spijker
Penningmeester: P. v.d. Kuijl

 

ABN AMRO Bank rekeningnummer: 40.26.61.494
Kamer van Koophandelnummer: Stichting i.o.
Donaties zijn altijd welkom vanaf f 25,-- per jaar, u ontvangt dan tenminste 2x per jaar "De Y" na overmaking op bovenstaand banknummer.

 

donateursformulier-y8122-1998donateursformulier van de werkgroep Y8122

 

Voor u ligt het aller eerste nummer van ons nieuwe blad:

De Y"

Het ligt in de bedoeling deze periodiek naar behoefte, maar minimaal 2 x per jaar uit te laten komen. Dit betekent dat er voor de redaktie voldoende kopy moet zijn. De "Y" moet een infoblad worden voor de leden van de werkgroep Y8122 en de donateurs.

 

Als het woord donateur toch is gevallen, wil ik een ieder vragen hier aandacht aan te schenken en er voor zorg te dragen dit aantal uit te breiden tot een flinke vrienden en sympathisanten club. Immers dit gehele projekt moet op voldoende onderbouwing en ondersteuning kunnen rekenen. Gedacht moet dan worden aan sponsors, in financiële en matriele sfeer, en donateurs.

 

Het oorspronkelijke doel, de restauratie en exploitatie van de stoomsleper de Y8122 blijft het uiteindelijke hoofddoel. Daar is een aantal jaren geleden een ander doel bijgekomen. De "Dombo" is een mooie aanvulling gebleken op dit doel en een middel om fondsen te verwerven. De werkgroep heeft zich, 2 jaar geleden, met veel inzet en enthousiasme op dit nieuwe doel geworpen.

 

Het nieuwe doel van de werkgroep moet dus nu eigenlijk luiden: Het restaureren, beheren en exploiteren van authentieke vaartuigen in een bredere opzet.

 

Maar echter het hoofddoel, waar alles aan ondergeschikt is, is en blijft de "Y8122". Door de tegenslagen met de romp is er nog geen einddatum te noemen voor dit projekt. Dit is in aanvang wel gedaan, maar de ervaring leert dat er in de sloopfase van de "Y8122" veel werkzaamheden zwaar onderschat werden. Er is tenslotte gekozen voor een volledige restauratie en niet voor (tijdelijk) lapwerk. Dit houdt dan ook in een ander financieel en een ander tijdsplaatje. Dit is voor sommigen onder ons geen eenvoudige zaak. En tevens de taak voor mij en anderen om deze medewerkers te blijven stimuleren.

 

Voor wat de voortgang in de restauratie betreft is te melden dat de schoorsteen weer op originele wijze is gerestoreerd en dus weer neerklapbaar is gemaakt. De koelkast op dek is van nieuwe delen voorzien zoals de schuiven, diverse dekde¬len en strippen. Het volgende wat aangepakt gaat worden zijn de beide toegangen van de verblijven. Kompleet met deuren zal dit gereed gemaakt worden. De tekeningen voor de stuurhut zijn in een vergevorderd stadium. Zodat dit het volgende doel zal gaan worden. Intussen zal er gezocht blijven worden naar oplossingen voor het romp probleem.

 

Voor wat betreft de werkgroep is er in de afgelopen 1,5 jaar een volwaardig bestuur gevormd. Zodat de taken en verantwoordelijkheden verdeeld zijn zoals in een goed bestuur gebruikelijk en wenselijk is. De financiële situatie is op dit moment zodanig dat de plannen voor het onderhoud aan de Dombo uitgevoerd kunnen worden. Dit is te danken aan de grote inzet van de, gehele, werkgroep bij diverse manifestaties. Zoals o.a.:

 

De Vlootdagen, Dag van de muziek, het Historisch weekend, de rommel en evenementenmarkt en de Nationale Monumentendag. Het is iedere keer een hele opgave voor de leden, maar het is hartverwarmend als de klus weer geklaard is en er weer geld verdiend is voor het onderhoud en de restauratie van de Y8122.

 

Ik wens voor het komende onderhouds-en restauratie seizoen, een ieder, een goede en plezierige tijd toe. Die zal volgen door een vaarperiode in 1999, met veel voldoening in een projekt dat de moeite waard is om te volbrengen, namelijk de volledig restauratie van de enig overgebleven, Marine stoomsleepboot, de


Y8122.

 

R. Witte

 


 

tjalk-1998tjalk komt na dok duik ongeschonden boven water. 

Foto Albert Vermeulen

 

Twee grote kranen moesten eraan te pas komen om paviljoentjalk Adriana Maria uit het water te vissen.

Oude tjalk komt na duik in dok weer opgeschonden boven water.

 

DEN HELDER Twee grote kranen vann firma Mosk moesten er dinsdag aan te pas komen om de paviljoentjalk Adriana Maria in het marinedok boven water te krijgen. Door grote getijdeverschillen was het schip onder het niveau van de beschoeing geraakt, na de stijging was het onder de rand van de beschoeiiing blijven steken, scheef gaan hangen en gezonken.

 

Het schip lag in het marinedok voor een opknapbeurt. Bob Waldus draagt daar zorg voor, in samenwerking met de stichting Nautische Monumenten. Een van de mensen van die stichting kwam zaterdagmorgen het dok binnen en zag toen tot zijn grote schrik alleen nog een touw. „Daarna heeft hij mij meteen gewaarschuwd, ik was er binnen tien minuten", vertelt Waldus.

 

In principe wordt er rekening gehouden met getijden verschillen, maar afgelopen weekeinde waren ze ongebruikelijk groot. Dinsdag heeft de firma Mosk onder regie van rederij Waterweg het schip uit het water gevist. Daarvoor waren twee levensgrote kranen nodig: het vaartuig is liefst 23 meter lang.

 

De schade die het schip door zijn duik heeft:opgelopen is nog niet bekend. Waldus verwacht dat die niet al te hoog zal uitvallen. Alleen het casco van het schip lag in het dok, de masten 'waren er afgehaald. Ook de motoren waren uit de Adriana Maria gesloopt. Bijkomend voordeel daarvan is dat er geen waterverontreiniging is opgetreden.

 

De Adriana Maria werd in 1903 in het Noord•Brahantse Waspik gebouwd. De tweemaster is eigendom van 'enkele heren uit Purmerend'. Zij hebben' het aangekocht om op te laten knappen. Daarna wordt het óf doorverkocht óf gaat het dienen als charterschip voor de bruine vloot.

De kale scheepsromp lag in het marinedok klaar voor de intimmering. „Het schip is zwaar verwaarloosd, dus al bet hout moet worden vervangen", aldus Waldus. Dat er nog niet aan geklust was, bleek dus een geluk bij een ongeluk. „Maar dat moet je maar niet opschrijven", vindt hij.

 

Nu is het schip schoongemaakt en ligt het te drogen. Een echte vertraging van het werk levert dat niet op. „In de zomer liggen de activiteiten toch een beetje op een oor. We zouden het toch al tegen de herfst pas weer oppikken."

 


 

 

INTERVIEW MET RIENUS SCHRIEKEN

Het is rustig op de open Monumentendag als ik (Margo) vind dat dit een mooie gelegenheid is om het afgesproken interview met Marienus te houden. Als ik met pen en papier gebouw 41 binnenwandel heeft Marienus de Kromhoutmotor draaiende. Buiten laat Willem v. Spijker de stoomfluit horen en Marienus geeft uitleg aan een geïnteresseerde. Daarna komt Rienus erbij zitten en vertelt:


December aanstaande ben ik hier twee jaar met heel veel plezier bezig. Ik richt me vooral op de motoren en diverse klein onderhoud. Deze week heb ik b.v. kapotte lampen verwisseld en raamsluitingen gerepareerd. En verder andere zaken die gedaan moeten worden, meestal samen met Fokke de Vries.


Rienus hoe staat het met de Y8122?
Wij zijn zover klaar dat de machine en de stoomketel geplaatst zouden kunnen worden. De bekleding van de ketel heeft momenteel de aandacht, alsmede het vuurvaste stenen muurtje dat achterin de ketel moet komen om te voorkomen dat het metaal van de achterwand van de ketel te heet wordt.


rinus-1-1998Toen ik je vroeg ofje even tijd had zette je wat uit wat was dat?
De compressor, deze houdt momenteel de stoomketel op druk, d.i. 3 á 4 bar i.v.m. de stoomfluiten die op dit moment buiten in functie zijn voor het publiek.


Op hoeveel bar werkt hij als de sleepboot in bedrijf is?

-±9 bar. Enige tijd geleden is de ketel op druk gebracht i.v.m, de keuring, gevuld met water en opgeperst tot 13 bar (dus
ruim voldoende).


Wat wij je verder nog vertellen?

Dagen als deze vind ik leuk omdat ik dan uitleg kan geven over waar ik mee bezig ben, de mensen hebben dan een gewillig oor. Wel jammer dat er nu hier niets te verkopen is en donateurs werven valt op deze manier ook niet mee.
De laatste tijd werd bruikbaar hout verzameld, er zit ook heel mooi hout bij, voor de betimmering van de Y8122. Tevens is de werkgroep in bezit gekomen van een Lister en een Petter (2 en 3 cilinder).

 

rinus-2-1998rinus-3-1998Wat is een Lister en een Petter?

Dat zijn hulpmotoretjes te gebruiken voor pompen en vele andere doeleinden o.a. voor de stroomvoorziening. De motoren zijn m'n hobby. Ik werk meestal samen met Fokke, heel veel dingen beslissen we samen en we overleggen veel.

 

Was dit wat je vertellen wilde?

Ja, ja, Het valt soms niet mee om het thuisfront duidelijk te maken waar je mee bezig bent of enthousiast te maken. Ik hoop nog een paar jaar door te gaan, ik heb er nog steeds zin in.

Rienus, dank je wel.

 

 


 

 

VISSERIJDAGEN IN HARDERWIJK

Joop Dumont van de Ransdorp 28 heeft geregeld dat we naar de Visserijdagen konden in Harderwijk. Met "we" bedoel ik, de reddingboot Dorus Rijkers, de botter Ransdorp en de sleepboot Y 8017 Dombo. Deze vloot werd gedoopt tot Smaldeel 15 en werd opgevrolijkt door het zanggroepje Carrickfergus.


Dit verhaaltje schrijf ik vanuit mijn eigen belevenis, zoals ik dit vanaf de Dombo ervaren heb.
Het was m'n eerste echte reis met de Dombo. Het was voor mij wel een gok, omdat ik erg snel zeeziek word. Anja van de sleepboot Holland heeft me advies gegeven wat betreft zeeziekte pillen, het advies was perfect.


Donderdag avond ging de Dombo alvast door de Zeedoksluis, zodat er vrijdag vroeg vertrokken kon worden. Hans, Willem, Rob, Tony en Marco zijn op de Dombo blijven slapen. Herman en ik zijn vrijdagmorgen vroeg opgestapt.


De trossen gingen om 6.45 uur los en weg waren we, met de Dorus Rijkers in onze kielzog. Er stond minstens een windkracht zes. Op een gegeven moment heb ik gevraagd of ik ook even aan het roer mocht. Uiteindelijk heb ik zeker 5 uur aan het roer gestaan. Ze zeiden dat ik het prima deed en ik vond het leuk. Ik heb wel ervaren dat het geen kwestie is van roer vasthouden, maar dat je er toch feeling voor moet hebben wil je voorkomen dat het schip in "S" bochten gaat varen.


's Middags om 3 uur hebben we de Ransdorp gevonden, die al vooruit was gevaren. Om 4 uur kwamen we gezamenlijk in Harderwijk aan. Het weer was ook daar maar matig. 's Avonds was er een goed verzorgde receptie in het stadhuis. De burgemeester en het shantykoor "De Boekaniers" uit Harderwijk waren daar aanwezig. We hebben daar samen met het shantykoor een lied gezongen over dit weekend op de melodie van Ameland. De tekst was geschreven door Hendry van Manen. De mannen hebben een schildje aangeboden. Het eerste officiële schild van de Dombo. Joop Dumont had z'n zelfgemaakte kanonnetje, genaamd "Kleine Elisabeth", mee.


Degenen die zin hadden hebben daarna onder het grote zeil van de Ransdorp nog wat gezongen en nagepraat. Marco verhuisde naar de Ransdorp omdat hij daar zou slapen. Hij was niet de enige, de Ransdorp lag volgens mij stampvol.


'S Morgens werd een kraampje opgetuigd met foldermateriaal over Den Helder, vooral op maritiem gebied. Om 11 uur was het palaver (meeting voor schippers). De Ransdorp en de reddingboot kregen gasten aan boord. De Ransdorp had ook de aanwezige helft van Carrickfergus aan boord. De Dombo kreeg de Boekaniers aan boord, die ze over moesten zetten op een kotter nadat ze gezongen hadden voor de voorbijtrekkende vloot met botters. Dit koor had overigens al dorst na één nummertje zingen. Daar wij natuurlijk niet voor 30 á 40 man drinken aan boord hadden, werd bier afgegeven door een langszij liggende driemaster. De mannen van de Dombo hadden begrepen dat dit koor door de kotter opgepikt werd, maar dat was een misverstand. De kotter was een onderdeel van een muziekeiland en daar hadden ze naar toe gemoeten. Toen alle botters voorbij waren werd het koor met bier en al op de driemaster overgezet en hebben ze naar de kotter gebracht. Oeps mannen, foutje, organisatorisch was het wel goed geregeld. De hele organisatie was trouwens prima.

 

Toen wij verlost waren van het koor zijn we een stukje terug gevaren om te kijken of het tweede deel van Carrickfergus al in Harderwijk was aangekomen. Dit was inderdaad het geval, ze werden zelfs vergezeld door Bert en Anja van de Holland. Deze hebben even een praatje gemaakt, maar moesten hun weg weer vervolgen. De zangers hebben we overgezet op de botter. Het overstappen van de ene boot op de andere was voor Betty Kramer weer een nieuwe overwinning, een paar maanden geleden zou ze nog niet eens op de Dombo gestapt zijn.


Nu had de Dombo even tijd over en ging weer terug naar de haven, daar was inmiddels Frank Kramer aangekomen, die in Garderen werkt en na werktijd naar Harderwijk was gekomen. Rob vroeg aan de toeschouwers of er nog mensen waren die een poosje mee wilden varen. Na enig wijfelen kwamen er toch 8 á 10 mensen die graag mee wilden. Deze mensen hebben zich verrassend goed vermaakt (verrassend voor hun, want wij wisten wel dat het leuk was). Ze hebben de start mee kunnen maken van de botterwedstrijd. De Dombo fungeerde als startschip. De start werd aangegeven door de stoomfluiten van de Dombo. Van de organisatie hadden we nogal veel haring gekregen, dus hebben we onze gasten daarop getrakteerd. Vervolgens heb ik met Bas en Marco glaasjes verkocht, dat liep uiteraard gesmeerd. Of het nou kwam omdat deze mensen ons tegemoet wilden komen, omdat we ze een fijne middag bezorgd hadden of omdat we ze met borrel en al verkochten weet ik niet zo goed. Nadat de vier botters over de finish waren hebben onze gasten ons heel hartelijk bedankt en werden zelfs handen geschud en ons werd veel succes gewenst met de restauratie van de Y8122.

 

Vervolgens kwamen alle andere schepen ook binnen. Bij binnenkomst moest de Admiraalsgroet gebracht worden door middel van het snel laten zakken van het voorste zeil. Joop Dumont had gezworen dat hij dit niet van plan was, omdat hij dat maar voor één admiraal zou doen????? Toen de botter eenmaal binnenkwam liet Joop het zeil zelfs tot tweemaal toe zakken. Kennelijk had Joop een goeie bui. De mannen van de Dombo riepen: "Zwak-zwak", in de richting van Joop.

 

's Avonds werd iedereen uitgenodigd voor het Captainsdinner. Vanuit de organisatie was ook dit

weer prima geregeld, alleen viel het eten wat tegen. Het diner werd gehouden op een grote boot met een te laag plafond. Dat deed wat benauwd aan en de helft van de mannen (uit het noorden, die zijn langer) konden niet rechtop staan. Carrickfergus heeft daar nog een paar nummertjes ten
gehore gebracht, afgewisseld door een man die orgel speelde. Zo'n ding dat gewoon doorspeelt,
ook als je niets doet. We zijn daar niet te lang gebleven, het was bijna een zwoele avond zonder
wind en dus zijn we met z'n allen op het dek van de Dombo gaan zitten. Het werd reuze gezellig en er werd veel gezongen, het klonk heel mooi op deze windstille avond. Van verschillende kanten kwamen er ook zomaar mensen aanlopen. Zo ook een man uit Manchester die nu in Amsterdam woont en fantastisch zingen kon. Verder ook nog een knul met liefdesverdriet, die bovendien ook z'n koor en z'n boot kwijt was. Terwijl Vem Kan Segla gezongen werd merkte ik dat hij zat te snotteren. Ik vroeg
hem of hij verkouden was of dat hij ontroerd was; het tweede was het geval. Vervolgens heeft hij z'n hart uitgestort. Twee of drie keer die avond werd iedereen stil toen vanaf een driemaster achter ons

trompet geschal klonk. De Last post werd gespeeld en nog een paar andere prachtige nummers. In de
kleine uurtjes werd het wat rustiger en ben ik te kooi gegaan. Hans Kramer heeft tot het laatst op
de gasten gepast. Dit weet ik omdat ik natuurlijk helemaal niet slapen kon op dit stalen schip met
allemaal mensen boven me. De hut had de kenmerken van een klankkast. Toen ik 's nachts, er waren nog een paar gasten, naar het toilet wilde gaan kreeg ik te horen de chemische toiletjes allebei tjokvol
waren. Dat was lekker, kon ik fijn naar het openbare toilet. Tony heeft me begeleid, omdat het
nachttoilet niet op slot kon. Daarna kon ik goed slapen.


schipper-1998makkie voor onze schipper, hij heeft goed geoefend.De terugreis ging zeer voorspoedig. We hebben alleen gevaren. De Reddingboot nam een andere route en de botter voer langzamer en wilde nog bij Den Oever langs, zij deden er dus twee dagen over.

In de Zeedoksluis liep het toch nog tegen. De deur kon niet goed open. Dit bleek veroorzaakt te worden door een stam die tussen het schaniergedeelte van de deur dreef. De balk bleek van een half vergaan vlot afgekomen te zijn. Herman, onze schipper, is door de half open deur gevaren en heeft met veel manoeuvreren de boot bij de stam gebracht zodat deze door de mannen langszij de Dombo geknoopt kon worden. De stam hebben we vervolgens meegenomen om te voorkomen dat dit weer gebeuren kon. Al met al heeft dit ons een uur vertraging opgeleverd.

 

Al met al, een heerlijk weekend met geld toe, waar heb je het??

Groeten Margo.

 

 


 

DE HOLLAND

Voor ons blad vond ik het interessant om eens wat te horen over onze buren. Met onze buren bedoel ik de Zeesleper "De Holland".
lk kom met belde Berten aan tafel te zitten. Bert Blokhuis is met compagnon Arjen Terpstra eigenaar van het schip. Bert Vllegers is kapitein. Bert Blokhuis hoorde van Arjen Terpstra dat dit schip te koop
was, deze wilde altijd al zoiets. Bert vertelt: "lk wilde altijd al een klein sleepbootje hebben, ja, zoiets als de Dombo, maar dat is er nooit van gekomen. Toen Arjen me er over benaderde, was de beslissing gauw genomen". Beide mannen hebben een rederij opgezet, waar ze eigen-
dom van zijn. Na de winter willen ze weer gaan varen. De buitenkant moet in de oorspronkelijke staat terug gebracht worden. De moderne aanpassingen willen ze wel houden. Voor passagiers willen ze het aanpassen aan deze tijd met diverse luxe zoals douches en toiletten, Er moet rekening gehouden worden met de inspectie. Kortom dit wordt nog een hele onderneming om één en ander voor elkaar te
krijgen. Leuke van het schip is dat nog veel origineel ls en het enige schip uit z'n tijd dat nog niet gesloopt is. O.a. stuurhut, motor en een aantal verblijven zijn origineel, andere ruimten worden
weer in de oude staat teruggebracht. Het ligt in de bedoeling om in de toekomst partijen en bedrijfsfeesten onder te brengen. Zo kan er met 80 à 90 man gevist worden. Het schip kan gecharterd worden voor een paar dagen naar b.v. de Waddeneilanden. 's Zomers kunnen er langere tochten gemaakt worden. Zo kan men verder weg en kunnen mensen lngevlogen worden (b.v. iedere 14 cla-

gen). Er wordt gedacht om volgend jaar voorzichtig naar Noon/vegen te varen om ervaring op te doen. Later kan er bijvoorbeeld naar Ijsland of Spitsbergen gevaren worden. Rienus Schrieken, die met me meegegaan is naar de Holland, heeft meegeluistercl. Hierna worden we rondgeleid op het schip. Bert vertelt over van alles en nog wat. We hebben gezien dat inderdaad nog veel origineel is, zoals een groot deel van de longrcom en glas in lood in een bovenlicht boven een trapopgang. Daarna gingen we naar de machinekamer, dat was voor Fllenus natuurlijk spek in 't bekkie. Bert Vliegers is tijdens dit gesprek weggegaan om gelnteresseerclen een rondleiding te geven. lk stel voor om hem in een volgende nieuwsbrief z'n verhaal te laten doen)
Margo

 

kassabonnen-1998

 


 

Zeefakkel een schip met een ziel.

 

zeefakkel-verhaal-1998-1

 

 


 

 

ROMMELMARKT 1 AUGUSTUS 1998 OP DE OUDE RIJKSWERF

rommelmarkt-1998In de dagen voor de rommelmarkt waren we bezig om op de rommelmarkt goed en gezellig over te komen. In ons gebouw verzamelden we spullen voor de verkoop, er werd gepoetst/ gesleuteld en de vissen werden ontdooid. Het was een leuk gezicht om John Kok en Rob Witte bezig te zien om de vis, ons geschonken door de heer Post, goed gerookt te krijgen uit de provisorísche rookton.

 

Op de dag zelf werden de spullen voor de verkoop op de kraam uitgestald. Joop Dumont kwam met een groot visnet en dat werd zo groot mogelijk uitgestald. Zo zag de loods tegenover het líchtschip er toch echt nautisch uit. Onze stand werd versierd en klaargemaakt voor verkoop van de vis. John Kok
begon met het bakken van de vis en ontdekte al gauw dat het achter de pitten ook goed heet werd. Een paar aluminium schalen ertussen en dat probleem was ook weer verholpen.


Er kwam in de loop van de dag verschillend publiek, kort na de opening kwamen er mensen die duidelijk iets hoopten te zien om het daarna te kopen. In de loop van de verdere dag kwam er publiek die meer voor de gezelligheid kwam en dan iets zag. Al gauw bleek dat de gebakken vis lekker smaakte. Dat had ik zelf ook gelijk ontdekt, maar er waren mensen die een paar keer terugkwamen en dan niet voor één vis, maar voor meer, volgens mij genoot hun gehele familie er die dag van.

 

Samen met Rienus Schrieken stond ik het grootste deel achter de kraam om rommeltjes voor zoveel mogelijk geld te verkopen. De koper wilde zo weinig mogelijk betalen en als ik er niet uitkwam riep ik naar Rienus: "wat zullen we vragen ?", en dan moest de koper maar beslissen of hij/zij dat bedrag
niet te veel vond.

 

's Middags hielp ik ook aan boord van de Dombo. Piet van der Kuyl was onze schipper. ALS opstapper hielp ik met het aanleggen en haalde ík het geld bij de mensen op. Op de ene tocht door de gracht sprak je meer met de mensen, dan een andere keer. Je zag duidelijk dat het varen op een oude sleepboot door de gracht de mensen goed deed. Men rijdt er vaak langs en nu was het dan mogelijk om het van een andere kant te zien. Het zou moai zijn als de brug open ging, hoorde ik vaak.

 

Na zo'n hele dag in touw geweest te zijn, dan voel je het aan het eind wel. We waren het er allemaal over eens. Het geheel was zeer geslaagd. Leuke gesprekken. De vis heel lekker en de opbrengsten waren goed.


De rommeltjes die we niet verkocht hebben, hebben we verzameld voor de volgende rommelmarkt. Dus als u nog wat thuis heeft, breng het naar ons gebouw.

Na afloop hebben we in ons gebouw nog een tijdje bij elkaar gezeten en de maandag daarop hebben Rob Witte en ik de loods tegenover het Lichtschip verder ontruimd.

Wim van Spijker

 

 


 

Rode diesel niet langer taboe in de Watersport.

 


van onze verslaggever

ALKMAAR - Het is niet denkbeeldig dat het de watersport weer wordt toegestaan goedkope rode gasolie te tanken. Volgens een woordvoerder van het Koninklijk Nederlands Watersport Verbond (KNWV) bestaat hierover overeenstemming tussen onder meer de watersportbonden en de ministeries van vrom en verkeer en waterstaat.

 

Hoewel de vorige week gepresenteerde milieubeleidsagenda niet verder gaat dan het evalueren van de effecten van het verbod op rode gasolie voor de watersport, wordt de maatregel mogelijk al komende Prinsjesdag teruggedraaid. Belangrijkste argument hiervoor is de negatieve gevolgen die het verbod heeft voor het milieu.


Toen de (vorige week door Paars 2 opnieuw uit de ijskast gehaalde) plannen voor het heffen van vaarbelasting voor watersporters in 1992 door de Raad van State onderuit werden gehaald, voerde toenmalig minister van financiën Kok wel het verbod op rode gasolie in. Watersporters moesten vanaf 1 januari 1993 gewone (kleurloze) diesel tanken, waarvan de prijs twee keer hoger is dan die van de rode brandstof. Daar mee hoopte Kok de met de vaarbelasting beoogde extra inkomslen alsnog binnen te halen.

Desastreus

lnmiddels is duidelijk dat dit bijzonder tegenvalt. Volgens woordvoerder P. de Vries van het KNWV wordt slechts een derde deel van het oorspronkelijk berekende bedrag extra gehaald. "Zolang in Belgie en Engeland slechts rode gasolie beschikbaar is in havens, gooien duizenden Nederlanders hun brandstoftanks daar vol. Bovendien zijn menson sinds 1993 minder gaan varen, wat zelfs een belangrijk negatiel effect heeft op de bedrijvigheid langs de waterkant. Enerzijds steekt de overheid heel veel geld in de promotie van Nederland als waterland, anderszijds wordt dat weer teniet gedaan door zo'n brandstofmaatregel, die dus ook nog te weinig in het laatje brengt."


De invoering van de wet in 1993 heeft tevens desastreuze gevolgen gehad voor brandstofpomphouders aan het water. Begin jaren negentig waren er nog 550 van dergelijke stations, nu zijn er iets meer dan 200, De Vries: „De tankstations langs de grote vaarwegen zijn sowieso afgevallen, want die zijn helemaal gericht op rode gasolie voor de beroepsvaart. En de stationhouders bij jachthavens konden met hun geringe omzet nooit concurreren met de pompstations langs de weg. In de hele pleziervaart wordt op jaarbasis minder getankt dan bij een flink station langs de snelweg."


De gevolgen daarvan zijn vooral slech voor het milieu. Veel jachteigenaren halen hun brandstof (diesel voor de meeste grote schepen, benzine voor buitenboordmotoren) in jerrycans bij de pomp aan de weg en gieten de inhoud aan boord over. Daarbij wordt bijna altijd geknoeid, met alle vervuiling van dien.


Mede met het oog daarop wordt gepleit voor meer brandstofpompen langs de wallekant. De Vries: „Maar die zijn slechts rendabel te maken als je er weer rode gasolie mag verkopen. Daar kan de pomphouder best een paar dubbeltjes bovenop doen en evengoed concurrerend blijven tegenover de stations met gewone diesel."


Samen met de belangenorganisaties Hiswa en ANWB, pleit het KNWV al jaren voor het terugdraaien van de gasoliemaatregel.De Vries: "Die lobby heeft in ieder geval effect gehad bij de ministeries van vrom en verkeer en waterstaat. De kans bestaat dat ook Financiën zich hierbij schaart en dat het tanken van rode gasolie weer wordt toegestaan." 

 


 

van-de-redactie-1998 

Daar is hii dan, de eerste Y. Ik vond het leuk om hem te maken. M'n redaktiemaatje Marijke Hager moest verstek laten gaan, omdat ze op dit moment andere prioriteiten heeft. Met haar heb ik in het verleden een soortgelijk krantje uitgebracht. Ik hoop dat ze de volgende keer weer mee doet, het was bar gezellig en we vulden elkaar mooi aan.
Ik loop regelmatig aan in gebouw 41, ten eerste omdat ik dat gezellig vind en ten tweede omdat ik Rob dan af en toe nog zie. Er wordt me wel eens gevraagd hoe ik het vind dat Rob zo intensief bezig is met de Werkgroep. Ik ben van mening dat als je iets doet dan moet je het goed doen, maar of dat altijd leuk is ???? Ik zeg maar zo: " When you can't beat them, join them", en dat bevalt me bijzonder goed. Ik kan het prima met de mannen vinden en ik heb het idee dat dat wederzijds is.


Tot de volgende "Y", ik kijk uit naar uw copy, getypt, geschreven of op een floppy,

Groetjes Margo Witte.

 

 

 

Foto's

Hier wat foto's uit ons album.

 

 

 

 


© Stichting Y8122 1992 - heden. All Rights Reserved.